Thuis in Parijs – 5 tips van Inge

okt 23, 2016

Thuis in Parijs – 5 tips van Inge

Inge van Dijk (37)

Inge van Dijk (37)

Nederlandse, getrouwd en moeder van een tweeling van zes jaar.

Woont in een voorstad van Parijs waar ze via haar bedrijf Pomme d’Orange Nederlandse mode, sieraden en Bunzlau Castle producten verkoopt. Voordat ze met haar man naar Frankrijk verhuisde, woonde ze in Laos, Italië en op de Salomonseilanden.

“Toen mijn man de mogelijkheid kreeg om voor Unicef te werken in Laos, moest ik daar heel goed over nadenken. Het leek me een leuk avontuur, maar ik heb hem plechtig laten beloven dat we na twee jaar terug zouden gaan om ons te settelen in Nederland. Ik weet niet hoelang het precies heeft geduurd, maar ik denk dat ik na een paar maanden in Laos al dacht: ‘Hey, dit is best een leuk leven’. We werkten allebei fulltime, maar er kwam geen sleur in omdat we zoveel verschillende dingen meemaakten. We leerden veel interessante mensen kennen, hadden een heerlijk huis, gaven feestjes en reisden regelmatig naar buurlanden als Vietnam en Thailand. Toen er na twee jaar een aanbod kwam om naar Florence in Italië te gaan, was de beslissing snel genomen.”

 

AppelstrofEr hangt nog steeds een foto van mij en de tweeling achter de kassa in het restaurant.Appelstrof

“Het restaurantje waar ik in de bediening werkte, Gusta Osteria, is de leukste plek waar ik ooit heb gewerkt. Het werd – en wordt nog steeds – gerund door vier broers. In het centrum van Florence. Het was ideaal, want zo kon ik iedere dag mijn Italiaans oefenen en ik leerde er van alles over over wijn en lekker eten. Bovendien was het een handige manier om snel mensen te leren kennen, want alle locals aten er. De warmte van de mensen daar was echt fantastisch. Tijdens ons tweede jaar in Florence had ik het geluk zwanger te worden. Toen we jaren later voor het eerst terugkwamen met onze kinderen en rustig op ‘ons’ pleintje zaten te eten, werden we ineens omringd door onze oude vrienden en buren terwijl ze riepen ‘Bambini, bambini!’ (De kinderen! [red.]). Die hadden ze namelijk nog nooit gezien; voor ik was bevallen waren we al weer weg uit Italië. Er hangt nog steeds een foto van mij en de tweeling achter de kassa in het restaurant.”

“Onze tijd op de Salomonseilanden was heel heftig. Ik zou het niet gemist willen hebben, maar het was echt moeilijk. Kort daarvoor was ik in Nederland bevallen en daar zat ik; als kersverse moeder met een drie maanden oude tweeling in een vreemd, arm land, zonder familie en vrienden. Er was niet altijd elektriciteit of stromend water op het eiland en als er medisch iets aan de hand was, moest je geëvacueerd worden naar Australië, drieënhalf uur vliegen verderop. Ik had een paar goede vriendinnen, en dat is dan je familie. Soms waren er ineens een aantal essentiële producten niet meer verkrijgbaar. Dan gingen we allemaal rondbellen tot we iemand vonden die het kon meebrengen vanaf een buureiland.” »

Castle
Bunzlau Castle servies

“Na een halfjaar op het eiland begon het te kriebelen; ik wilde weer aan de slag. Omdat het toerisme nog opkomend was, waren er bijna geen souvenirs te verkrijgen. Ik had gezien dat de locals soms schoudertassen voor zichzelf maakten van grote, stevige rijstzakken. Samen met de zus van onze nanny ben ik toen portemonnees en tassen voor toeristen gaan maken. Van rode pitjes maakten we kettingen. Uiteindelijk werden onze souvenirs in alle hotels verkocht. Na een tijdje wilde ik een markt organiseren. Zo’n evenement was nogal bijzonder, want op het eiland gebeurde er normaal gesproken helemaal niets. We hebben de straat afgezet en mensen uitgenodigd om zelfgemaakte producten te verkopen. Zowel locals als expats zagen hier een kans. Nu, vijf jaar later, organiseren ze de markt nog steeds twee keer per jaar. Onze oude nanny verkoopt tegenwoordig de portemonnees en tassen.”

AppelstrofIk dacht al na een paar maanden in Laos: ‘Hey, dit is best een leuk leven.’ Inmiddels zijn we tien jaar en vier landen verder.Appelstrof

“Het nadeel van het leven als expat is dat je voortdurend afscheid moet nemen. Je maakt heel veel vrienden, die soms haast familie worden, maar vervolgens gaan of zij weg, of jij. Er zijn expats die andere mensen daarom niet meer toelaten. Ik kan dat niet, maar daarmee kies ik ook voor de pijn van afscheid nemen van mensen van wie je bent gaan houden. Je kunt simpelweg niet met iedereen in contact blijven.”

“We hadden nooit gedacht aan Parijs, maar ineens kwam er een mooi aanbod voorbij. Bovendien is het dichtbij mijn ouders in Nederland. Hoewel mijn vader en moeder ons altijd enorm gesteund hebben en ons overal zijn komen opzoeken, hoopten ze wel altijd dat we terug zouden komen. Nu rijden we in vier uur naar ze toe.”

“Ook hier in Frankrijk wilde ik graag iets doen. Drie jaar geleden ben ik begonnen met Pomme d’Orange. Het idee was om kleine, Nederlandse mode merken te introduceren. Merken die hier bijna niet verkrijgbaar zijn. De ‘vente privee’ (privéverkoop [red.]) is hier heel groot. Elke twee à drie weken bouw ik mijn huis om tot woonkamer-winkel. Gedurende de dag komen er minimaal dertig vrouwen binnenwandelen. Ze vinden het leuk om hier te komen. Gezellig. Mensen ontmoeten elkaar hier en leren elkaar kennen. Ik wil niet dat mijn klanten het idee hebben dat ze altijd iets moeten kopen.

AppelstrofDaar zat ik: met een drie maanden oude tweeling in een vreemd, arm land, zonder familie en vrienden.Appelstrof

Gusta Parijs

Die houding maakt het heel ongedwongen, dat vinden mensen prettig en daarom komen ze terug. Ik serveer altijd koffie en thee in het servies van Bunzlau Castle. Daar werd zo vaak naar gevraagd dat ik het ook ben gaan verkopen. Het loopt heel goed, vooral onder expats. Het creëert het gezellige thuisgevoel dat zij missen, bovendien is het mooi en kwalitatief erg goed. De taartstandaard verkoop ik veel aan Fransen, maar dan als kaasplateau.”

“Soms vragen mensen waarom we nog steeds in het buitenland wonen. Misschien ben ik bang dat ik in een sleur terecht kom in Nederland. Ik weet het eigenlijk niet. Ik denk wel dat ik ooit terug wil. Dat we nu voorlopig in Frankrijk blijven, heeft ook te maken met dat we niet meer iedere twee jaar wilden verhuizen. Bovendien hebben we het hier inmiddels erg naar ons zin. Ik zou wel graag nog een keer naar Azië gaan voor een paar jaar. Om de kinderen dat mee te laten maken. Zij kennen geen andere cultuur dan de Franse. Laatst zei m’n dochter: ‘Mama waarom gaan wij nooit ergens heen met het vliegtuig?’ En dan denk ik aan al die uren die ik met ze heen en weer ben gevlogen. Ik wil dat ze ontdekken wat ik heb ontdekt; dat elke cultuur en iedere ontmoeting je leven verrijkt.”

Tip 1 | Meringue gebakjes

“Ik kom graag in het minder bekende 17e arrondissement. Het is leuk om doorheen te lopen en je hebt er veel leuke restaurantjes, winkeltjes en kleine boetiekjes. Voor het 17e neem je de metro, stap je uit bij halte Villiers en ga je naar de winkelstraat Rue de Levis. Een leuk, niet-toeristisch restaurantje is Ripaille aan de 69 rue des Dames. Een must zijn de meringue gebakjes van Aux Merveilleux, 7 rue de TocqueVille. En voor de kaasliefhebbers: Fromager Androuet, 23 Rue de la Terrasse.”

Meringue gebakje ParijsMeringue gebakje ParijsMeringue gebakje ParijsMeringue gebakje Parijs

Tip 2 | Versailles

“Veel mensen weten niet dat je gratis de tuinen in kunt van het Kasteel van Versailles. Er zit aan de zijkant, aan het begin van Allée Saint Antoine, een ingang waar je gratis kunt parkeren. Verder is niet alleen het kasteel, maar ook de stad Versailles de moeite waard: je vindt er leuke restaurantjes.”

Parijs

Tip 3 | Les Fermes de Gally

“We nemen vrienden graag mee voor een zondagochtendbrunch naar Les Fermes de Gally. Een boerderij net buiten Parijs waar je al je groente en fruit zelf kunt plukken. Je gaat met een kruiwagen het land op, de kippen scharrelen rond… heel gaaf. Er wordt ook van alles voor de kinderen georganiseerd.”

Fermes de Gally

www.ferme.gally.com

Tip 4 | Brocante markt

“De brocantemarkt in de buurt van Canal Saint Martin is erg leuk. Via de  website van Vide Greniers vind je op welke dagen en op welke plekken er brocantes te vinden zijn in Parijs.”

www.vide-greniers.org/75-Paris/Paris-10eme

Tip 5 | Le Marais

“Mijn lievelingswijk is Le Marais. Een hele bekende plek, maar je kunt hem niet overslaan. De falafel is er natuurlijk super, maar er is ook een fijn klein Corsicaans restaurantje dat leuk is om te proberen: L’Alivi, 27 Rue du Roi de Sicile. De kaart is beperkt, maar het eten is er altijd lekker.”

Lalivi

Lalivi